EPLAN: ‘Plat slaan’ engineeringsinformatie niet nodig

0

Digitalisering heeft binnen veel bedrijven de volle aandacht. Bij het communiceren van gedigitaliseerde informatie tussen afdelingen of bedrijven onderling, gaat het echter nog vaak mis. Informatie wordt ‘plat geslagen’ in (bijvoorbeeld) een pdf, waardoor de volgende partij veel werk heeft om het document om te zetten naar bruikbare data voor haar eigen systeem. Met kans op fouten en informatieverlies. Als ontwikkelaar van engineeringsoftware en serviceoplossingen ondersteunt EPLAN in Zevenaar haar klanten om deze barrières te slechten.

Samenwerken binnen dezelfde softwareomgeving vergroot efficiëntie

De focus van EPLAN is efficiënt engineeren op het gebied van elektrotechniek, automatisering en mechatronica. Hiervoor ontwikkelt het bedrijf al sinds jaar en dag engineeringsoftware en serviceoplossingen. Daarnaast adviseert EPLAN klanten over het gebruik ervan en over hoe de voordelen zijn op te schalen bij toepassing in de volledige keten. Roger Scholtes, managing director bij EPLAN BV: ‘De keten kan daarbij bestaan uit verschillende bedrijven die zich bezighouden met hun eigen corebusiness en overige zaken uitbesteden. Andere bedrijven doen aan verticale ketenintegratie en houden zo veel mogelijk alles in eigen hand. Daar beslaat de keten dan de verschillende afdelingen die met elkaar samenwerken. Voor beide typen bedrijven geldt dezelfde problematiek én oplossing.’

Ecosysteem
Bedrijven die zich vooral richten op hun corebusiness, werken in een ecosysteem van industriële automatisering dat alle partijen omvat die een bijdrage leveren aan het eindproduct. Bijvoorbeeld een machine of complete lijn. Dit start bij de fabrikanten van componenten en loopt via de paneelbouwer en systeem integrator of machinebouwer tot aan de uiteindelijke gebruiker.
Scholtes: ‘Al deze partijen leveren hun eigen product(en) aan de volgende schakel in de keten, waarbij de overdracht van bijbehorende data en informatie steeds vaker digitaal plaatsvindt. De praktijk leert dat dit niet altijd even efficiënt gebeurt, omdat bedrijven met verschillende softwarepakketten werken of niet van elkaar weten dat ze dezelfde software gebruiken. Hierdoor slaan zij hun informatie vaak ‘plat’ in een pdf en zijn bij het versturen ervan de achterliggende data voor de volgende gebruiker verdwenen. Het is geen uitzondering dat die vervolgens de gegevens handmatig in zijn eigen systeem moet invoeren om verder te kunnen. Een arbeidsintensieve en bovendien foutgevoelige klus.’

Bij bedrijven die verticaal integreren, doet EPLAN vooral integratieprojecten waarbij naast de technische ook de menselijke kant een uitdaging vormt. ‘Mensen willen wel veranderen, maar niet veranderd worden’, weet Van Aalten

Minder kwetsbaar
De oplossing is zowel eenvoudig als complex: gebruik dezelfde of compatibele software zodat data en informatie door de hele keten – liefst in het oorspronkelijke format – zijn over te dragen. Accountmanager Richard van Aalten: ‘EPLAN dekt zo’n 70 procent van de engineeringmarkt voor elektrotechniek en mechatronica. In die zin is het dus allemaal niet zo moeilijk en zal een belangrijk deel van de bedrijven al gebruik maken van EPLAN. Alleen: ze weten het vaak niet van elkaar. Bedrijven die deze software nog niet gebruiken, kunnen overwegen dit alsnog te doen om zo een waardevollere partner te worden in de keten.’ Het complexe deel van de oplossing betreft het samenbrengen van bedrijven en hen bewust te maken van het optimalisatiepotentieel van digitaliseren binnen dezelfde softwareomgeving. Scholtes: ‘Daarom faciliteren wij hierin, wat vaak waardevolle, intensieve gesprekken oplevert. Die hebben als doel afspraken te maken over de uniformiteit van data genereren en overdragen. De beste resultaten zijn te behalen wanneer bedrijven elkaar onderling een kijkje in de keuken gunnen. Dat biedt hun een beeld van de kok, zijn recepten en ingrediënten.’
Wanneer een hele keten inderdaad zover komt dat het volledige digitaliseringsproces en de informatieoverdracht zijn gestroomlijnd, profiteren alle schakels. Naast een efficiëntere manier van werken met een lagere kans op fouten maakt het bedrijven minder kwetsbaar. Van Aalten: ‘Door samen te werken met verschillende leveranciers van eenzelfde product, kunnen bedrijven sowieso de beste partij uitkiezen voor een specifieke opdracht, maar ook terugvallen op een ander bedrijf wanneer de vaste partner leveringsproblemen heeft. Daarnaast kun je eventueel opschalen wanneer je meer nodig hebt dan een enkele leverancier in een bepaald tijdsbestek kan leveren.’

Zelfde omgeving een must
Bovendien is het tegenwoordig bijna een must om samen te werken in dezelfde softwareomgeving. Dat heeft te maken met de manier waarop steeds meer bedrijven hun machines en besturingen ontwikkelen. Waar voorheen de opbouw van het tekenpakket gebaseerd was op de wijze waarop het paneel wordt gebouwd, staat het zogeheten functioneel ontwerpen steeds meer in de belangstelling. Hierbij worden de functies afzonderlijk van elkaar ontworpen, waarna een besturing met de betreffende bouwblokken modulair wordt opgebouwd. Dit geeft een betere aansluiting bij de overige disciplines en leidt tot een efficiëntere totale engineering. Ook biedt het een prima basis voor configure-to-order (cto). In de praktijk gebeurt de aansturing van de afdeling paneelbouw niet meer op basis van complete schema’s, maar digitaal met bedradingslijsten en numerical control-data voor mechanische bewerkingen van de panelen. Confectionering van de bedrading is vervolgens zowel in huis te doen maar ook uit te besteden. Alle data zijn daarbij afkomstig uit de digital twin; het in de keten verrijkte 3D-model voor de validatie van het ontwerp. Dat levert tevens de data voor de navolgende processtappen (mechanische bewerking, draadconfectionering, montage, draadroutering).
De laatste schakel in de keten – de eindgebruiker – profiteert van deze aanpak voor onder andere zijn onderhoud. Bij storingen hoeven monteurs niet meer in mappen boordevol tekeningen te zoeken, maar kunnen ze via digitale schema’s en 3D-kastlay-outs veel sneller achterhalen waar de fout zit.

Alles in eigen beheer
Bij bedrijven die liever alles in eigen beheer doen, is de data-uitwisseling zeer vergelijkbaar. Met als belangrijkste verschil dat data niet worden uitgewisseld tussen verschillende bedrijven maar tussen de diverse afdelingen. Ook hier blijkt bijvoorbeeld de informatie van verkoop te worden platgeslagen, voordat deze doorgaat naar engineering. En dat terwijl verkoop een aantal afspraken al eenvoudig zodanig kan digitaliseren dat de ontwerpafdeling hier direct mee aan de slag kan. ‘Dat laatste is een niet te onderschatten aandachtspunt. De praktijk leert dat kennis vaak vooral aanwezig is in de hoofden van medewerkers. Nu goed geschoold technisch personeel schaars is, raak je als bedrijf steeds meer afhankelijk van die paar ervaren mensen. Een onnodig risico. Door deze kennis te borgen in de software, krijgen bedrijven ook de mogelijkheid om minder ervaren schoolverlaters of zelfs mensen van een uitzendbureau in te zetten. Die genereren de benodigde informatie voor de engineeringafdeling dan door bepaalde procedures te doorlopen, waarbij ze relevante parameters eenvoudig invullen’, aldus Scholtes. ‘Dit maakt een bedrijf minder kwetsbaar, minder afhankelijk van persoonsgebonden competenties en hiermee concurrerender. Ook is het niet nodig om steeds hetzelfde wiel opnieuw uit te vinden.’
Bij bedrijven die verticaal integreren, doet EPLAN vooral integratieprojecten waarbij naast de technische ook de menselijke kant een uitdaging vormt. ‘Mensen willen wel veranderen, maar niet veranderd worden’, weet Van Aalten. ‘Het is dus echt belangrijk dat je hen meeneemt in de voordelen van zo’n integratietraject, zodat zij zich bewust worden van de mogelijkheden. Voor henzelf – bijvoorbeeld meer tijd om écht te engineeren – maar ook voor het bedrijf en de klant.’

Nomineer nu die echte partner – een leverancier of een klant – voor een van de drie DISCA-awards.

Link magazine editie juni 2022 | jaargang 24 thema: Hoe slaan we de brug tussen de software- en de hardware-engineers? Lees Link digitaal of vraag een exemplaar op: mireille.vanginkel@linkmagazine.nl’

Geen eilandoplossing
Voor beide typen bedrijven geldt dat de grootste stappen zijn te maken door samen te werken met kennispartners zoals EPLAN, alle betrokken toeleveranciers en de klanten. Gezamenlijk wordt de waardeketen onder de loep genomen, worden verbeterpunten geanalyseerd en gerichte maatregelen genomen om deze verbeteringen door te voeren.
‘In alle gevallen betreft de aanpak het beheersbaar maken van informatie- en artikelstromen. Dit impliceert direct dat EPLAN geen eilandoplossing kan zijn in een bedrijfsproces. De focus ligt op integratie met de ontwikkeling van hard- en software, CPQ-configurator (configure, price and quote, red.), ERP, PDM, productie/paneelbouw enzovoorts’, vertelt Scholtes. ‘Daarbij maakt het dan niet uit of je de knip maakt tussen bedrijven onderling of tussen afdelingen. Samenwerken met EPLAN biedt onze klanten bovendien het voordeel dat zij advies krijgen van mensen die door de jaren heen bij een groot aantal bedrijven best practices hebben verzameld. Zij zijn dus als geen ander in staat hiaten snel op te sporen en in te vullen.’

In de cloud
Tot slot wijzen beiden op de rol van de cloud in de digitalisering van data en het stroomlijnen van industriële automatisering. ‘De cloud biedt de mogelijkheid om alle data op één plek te verzamelen en van daaruit te werken. Dit betekent dat iedere partij altijd dezelfde data gebruikt, de laatste versie van de software en dat er sprake is van data pull in plaats van data push. Omdat deze cloud beheerd wordt door EPLAN en Microsoft, zijn gebruikers ervan verzekerd dat hun data optimaal zijn beveiligd tegen iedere vorm van cybercriminaliteit’, aldus Scholtes en Van Aalten. ‘Dagelijks krijgen we nieuwe aanmeldingen voor de EPLAN-cloud. Dat geeft aan dat het vertrouwen onder de gebruikers snel groeit. Een goede ontwikkeling om digitalisering naar een hoger niveau te tillen.’

 

Share.

Reageer

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.