Van leek naar wereldleider in de farmatech

0

De carrière van Richard van den Brink leest als een jongensboek. Van zelfgemaakte kistjes voor tafeltennisbatjes tot hightechsystemen die wereldwijd miljarden medicatie-innames controleren: telkens stak hij zijn nek uit en zette hij iets neer wat er nog niet was. Met zijn bedrijf Global Factories brengt hij zijn ideeën de hele wereld over en verzamelde hij onderweg een arsenaal aan kleurrijke anekdotes – van deals aan dure dinertafels tot boze Chinese bestuurders. Altijd met dezelfde drijfveer: creëren, vernieuwen, verkopen.

  • – Van golfbanen tot farmacie: steeds opnieuw vond Richard van den Brink een nieuwe markt.
  • – Twee keer balanceerde Global Factories op de rand van faillissement.
  • – De Haagse systemen controleren miljarden medicatie-innames per jaar.
  • – Groeien met Nederlandse maakpartners, niet met eigen fabrieken.

Richard van den Brink over 25 jaar Global Factories

‘In de kern is het heel simpel’, zegt Richard van den Brink. ‘Het allerleukste vind ik het om producten te ontwikkelen die er nog niet zijn, en die vervolgens wereldwijd te verkopen. Dat zit gewoon in mijn bloed.’ Die drang naar het nieuwe, het onbekende, loopt als een rode draad door zijn leven. Als jongetje van negen zette hij al zijn eerste stappen als ontwikkelaar-ondernemer. Zijn ouders gaven hem twee sportabonnementen – voetbal en judo – maar voor tafeltennis moest hij zelf het geld ophoesten. Dus bedacht hij een oplossing: houten kistjes maken voor batjes, die hij voor 25 gulden per stuk verkocht. ‘Dat ging best goed’, lacht hij. ‘Eigenlijk is daar het zaadje geplant: met je handen en je hoofd iets maken, en er een markt voor vinden.’

‘Soms sta je aan de rand van de afgrond, maar juist dan ontstaan de beste ideeën.’

Een ondernemer in hart en nieren, maar Van den Brink noemt zichzelf een entrepreneur, en legt uit wat het verschil is: ‘Iemand die auto’s verkoopt en een bedrijf heeft, is ondernemer. Maar hij creëert zelf niks. Entrepreneurship is voor mij dat je verder kijkt dan je neus lang is, dat je nieuwe dingen ontwikkelt en markten opent. Dat je risico neemt om iets nieuws neer te zetten. Productontwikkeling én marktontwikkeling, met Global Factories doe ik het allebei.’

Keihard knokken

Na zijn studie werktuigbouwkunde begon Van den Brink met een vriend een bedrijf in de golfwereld. Ze ontwikkelden vlaggen, markers, ballenautomaten; producten die tot dan toe alleen door twee Amerikaanse spelers op de markt werden gebracht. ‘Het was keihard knokken’, zegt hij. ‘Want je verkoopt niet meteen honderden vlaggetjes aan honderd golfbanen. Je moet je productassortiment stap voor stap opbouwen. We lieten kleine aantallen maken in China, Pakistan en India. Ik was 28 toen ik in India zat om golfballen te laten produceren. Fantastische tijd.’

Het bedrijf werd een succes, maar vroeg om herinvesteringen. Van den Brink besloot zich te laten uitkopen. ‘Ik dacht: wat nu? Ik vind productontwikkeling leuk, dus ik ga dat voor derden doen.’ Zo werkte hij voor klanten als T-Mobile en tapijtfabrikant Desso, gebruikmakend van zijn internationale netwerk van fabrieken. Vandaar ook de naam van zijn nieuwe onderneming Global Factories: fabrieken over de hele wereld om ideeën om te zetten in producten.

Langs de afgrond

De grote doorbraak kwam begin jaren 2000. ‘Mijn broer is apotheker en hij liet me de wereld van medicatieverpakking zien’, vertelt Van den Brink. Meer specifiek, hoe verschillende pillen worden herverpakt in kleine zakjes zodat patiënten ze per innamemoment netjes bij elkaar hebben. ‘Interessante business, maar ik was ook verbaasd. Ik dacht namelijk dat de farmacie een superprofessionele sector zou zijn, maar in de praktijk was het helemaal niet zo geavanceerd. Zeker destijds. Er werden dure machines uit Japan gekocht, maar de controle gebeurde nog zakje voor zakje met het blote oog. Bizar. Dus dacht ik: ik ga een machine ontwikkelen die dat automatisch doet.’

Wat volgde was een taai traject van prototypes, testen en bijna-faillissementen. ‘Ik houd van moeilijke dingen ontwikkelen, maar in deze markt moet het allemaal grondig gevalideerd worden. Dat was totaal nieuw voor me’, kijkt Van den Brink terug. Bij Apoteket AB, de Zweedse staatsapotheek, leerde hij de ins en outs van het vakgebied. ‘Hoe valideer je een proces, hoe werk je met duizenden patiënten tegelijk? Ik heb gezweet hoor, soms niet geweten hoe ik de salarissen en alle andere onkosten moest betalen. Twee keer gingen we zelfs langs de rand van de afgrond.’

Van survival naar succes

Het illustreert hoe precair de beginjaren van Global Factories waren. Tijdens een belangrijke finale test in Zweden ging alles opnieuw bijna mis. ‘We waren drie weken bezig geweest, het leek allemaal perfect te werken en op vrijdagmiddag keurde het systeem ineens alle pillen af. “Het werkt niet, we gaan naar huis”, zeiden ze van Apoteket. Verslagen stonden we daar. Maar een bijdehante engineer pakte een schuifmaat en ontdekte dat de pillen in de productiehal 0,9 millimeter kleiner waren dan die in het laboratorium. Daardoor herkende ons systeem ze niet.’ Dat probleem was uiteraard snel verholpen.

‘Entrepreneurship is dat je verder kijkt dan je neus lang is’

Vanaf dat moment begon het te lopen. Het ontwikkelplatform in Zweden werd een etalage voor de wereld: Japanners, Australiërs, Noren kwamen kijken. De eerste klanten dienden zich aan, de export volgde. ‘Ik verkocht vanuit Zweden aan de wereld. En nu worden miljarden medicatie-innames per jaar gecontroleerd door onze systemen. Dat geeft wel voldoening. Als ik mijn nek niet had uitgestoken, was deze oplossing er nooit gekomen’, zegt Van den Brink met gepaste trots.

Want het probleem dat Global Factories helpt oplossen, is immens. Wereldwijd levert verkeerd medicijngebruik naar schatting 550 miljard euro aan extra zorgkosten op. Patiënten die pillen vergeten of verkeerd innemen, belanden regelmatig onnodig in het ziekenhuis. ‘Onze systemen zorgen ervoor dat patiënten hun medicatie correct innemen’, legt Van den Brink uit. En dat is niet alleen een kostenbesparing, maar draait natuurlijk ook om gezondheidsschade en sterfgevallen die voorkomen hadden kunnen worden. ‘Medicijntrouw is een van de grote onzichtbare uitdagingen in de gezondheidszorg.’

Koning Willem II

Van den Brinks doorzettingsvermogen heeft dus zijn vruchten afgeworpen. Global Factories is uitgegroeid tot een internationale speler in medicijnautomatisering. Van een klein team met prototypes in Zweden naar een bedrijf dat jaarlijks honderden systemen verscheept naar een kleine veertig landen wereldwijd, ondersteund door een netwerk van Nederlandse maakbedrijven zoals VDL en Nijdra. Daarmee is het bedrijf goed ingebed in het nationale hightech-ecosysteem.

Ook al doet de naam van zijn bedrijf anders vermoeden, het is voor Van den Brink een zeer bewuste keuze om de productie grotendeels lokaal uit te besteden. ‘We hebben zes productielijnen in Nederland. Dat is efficiënt, flexibel en de kwaliteit is hoog’, zegt hij. ‘In Brabant en in het noorden van het land vind je bedrijven die op wereldniveau produceren. Voor ons is dat perfect.’

Hij geniet zichtbaar van die samenwerking. ‘Ik ben onlangs nog eens bij al die productiepartners langsgegaan. Fantastisch om te zien wat daar gebeurt. Grote hallen vol machines, maar ook kleine bedrijven die extreem secuur werk leveren, bijvoorbeeld voor de Japanse markt. Dat is typisch Nederlands: pragmatisch, flexibel en goed in samenwerking.’

Verdekte hightech

Het internationale succes krijgt in Den Haag een verrassend decor. Want als je voor de deur van het Haagse hoofdkantoor staat, wijst niets op het hightechkarakter van Global Factories. Geen glanzend complex met spiegelglas, ook geen doorsnee gebouw op een industrieterrein, maar een majestueus rijksmonument, midden negentiende eeuw gebouwd in opdracht van koning Willem II. ‘Je verwacht hier misschien eerder een advocatenkantoor maar we zijn toch echt aan het engineeren’, zegt Van den Brink. Het pand krijgt momenteel een flinke facelift en ook binnen wordt er stevig verbouwd, met behoud van de sfeer. ‘Het mooie is: de omgeving maakt dat mensen met plezier naar hun werk komen. Dat vind ik heel belangrijk.’

‘Medicijntrouw is een grote onzichtbare uitdaging in de zorg’

Het statige hoofdkantoor matcht met het uiterlijk van Van den Brink zelf: altijd gedistingeerd in pak, met das en wit pochet. Je zou bijna vergeten dat hij niet alleen ondernemer is, maar zeer zeker ook engineer. Zelf kan hij niet kiezen wat in hem de boventoon voert: ‘Ik ben het allebei. Ik begrijp hoe een product werkt en wat het kost om het te maken. Maar ik weet ook hoe ik het moet verkopen in Japan of China.’

Kopiëren? Laat me niet lachen

Die combinatie is redelijk ongebruikelijk, maar heeft Global Factories geen windeieren gelegd. ‘Zoals die keer in Tokio, waar ik aan tafel zat met de directeur van een van de grootste apothekersketens’, haalt Van den Brink een mooie herinnering op. ‘Ik vroeg aan hem: “Wat wilt u, hoeveel en wat mag het kosten?” Mensen zeggen dat Nederlanders te direct zijn, maar we hadden een klik. Al sprak hij nauwelijks Engels, het gevoel was goed. Een paar maanden later kwam ik terug met een ontwerp. Hij zei: “Ja, dit wil ik.” En bestelde meteen 36 systemen. Dat lukt je alleen als je technisch én commercieel meedenkt.’

Nog een anekdote. In Chin

De Masterclass Smart Customization / Configure to Order geven wij in 26 maart en 5 november 2026. U kunt zich al Aanmelden mireille.vanginkel@linkmagazine.nl

a raakte Van den Brink tijdens een formeel diner in gesprek met de directeur van een van de twaalf economische regio’s van het land. ‘Hij zei: “Als u hier een fabriek begint, krijgt u uit mijn regio alle ziekenhuizen als klant.” Ik vroeg of hij dat niet meteen voor alle regio’s kon regelen’, vertelt Van den Brink met een knipoog. ‘Toen ik daarna een opmerking plaatste dat mijn producten dan waarschijnlijk gekopieerd zouden worden, sprong die man overeind en riep met veel bombarie: “If people copy your products, I put them in jail!”’

Van den Brink kan er wel om lachen. En eerlijk gezegd haalt hij ook zijn schouders op over mogelijk Chinees kopieergedrag: ‘Ja, dat doen ze, maar vaak werkt het niet eens. En bovendien, ook in Nederland word je gekopieerd zodra je succesvol bent. Het verschil is dat we bij Global Factories blijven ontwikkelen. We zijn een creatief bedrijf. Dat is ons voordeel: als je steeds iets nieuws bedenkt, lopen anderen altijd achter.’

Gehaktballen

Binnen Global Factories is de cultuur minstens zo belangrijk als de techniek. Van den Brink ziet zichzelf niet als klassieke directeur. ‘Ik ben niet die hufter-ondernemer die boven in de hiërarchie zit. Ik doe gewoon mee. Bel zelf met fabrieken, stel vragen in meetings. Ik wijs niet met mijn vinger, ik denk mee. Natuurlijk, ik ben streng. Als iets niet goed is, zeg ik dat hardop. Maar daarna drink ik net zo makkelijk een biertje met dezelfde mensen.’ Die aanpak vertaalt zich ook in kleine dingen. ‘We hebben gehaktballendag. Dan sta ik zelf gehaktballen te draaien. Gewoon omdat ik dat leuk vind, en omdat het laat zien: we doen dit samen.’

Groeien doet soms pijn

De stevige groei die Global Factories de laatste jaren doormaakt, brengt onvermijdelijk ook spanning met zich mee. ‘Onze grootste uitdaging is capaciteit’, zegt Van den Brink. ‘De vraag ligt hoger dan wat we klanten kunnen leveren. We zouden groter kunnen zijn dan we nu zijn, maar de fabrieken waar we uitbesteden, hebben te weinig mensen.’ Een eigen productielijn starten ziet hij niet zitten. ‘Elke dag dezelfde dingen maken, daar ben ik veel te onrustig voor. Ik wil ontwikkelen en vernieuwen, niet een fabriek runnen.’

Vanwege de nieuwe zzp-wet heeft Global Factories dit jaar een aantal inhuurkrachten in dienst genomen. ‘Geen probleem want ik heb ze er graag bij, maar daardoor is wel onze flexibele schil verdwenen’, zegt Van den Brink. Het was al langer de strategie, maar de groei moet voor Global Factories uit de productielijnen komen. ‘Onze partners moeten meegroeien. Daarom plannen we vooruit. De aantallen voor volgend jaar zijn al maanden bekend bij de producenten. Dat vraagt vertrouwen en samenwerking. Alleen zo kun je meeademen met de markt.’

Die groeispurt brengt ook interne worstelingen met zich mee. Global Factories bouwt complexe systemen waarin soms wel achtduizend verschillende onderdelen samenkomen, afkomstig van honderden leveranciers. ‘We merken dat onze interne systemen die schaal nauwelijks bijhouden’, geeft Van den Brink toe. ‘Alles moet kloppen: software, facturatie, voorraadbeheer. Daarom werken we nu toe naar een single source of truth.’

Global Factories  is dit jaar genomineerd in de categorie Best Customer Award van de Dutch Industrial Suppliers & Customer Award 2025.

De regels begrijpen

Als het aan Van den Brink ligt, is de groei nog lang niet voorbij. Nieuwe landen veroveren vindt hij minstens zo belangrijk als de ontwikkeling van nieuwe producten. ‘We passen onze oplossingen telkens aan op de lokale realiteit’, zegt hij. ‘In sommige landen is het niet toegestaan om medicijnen te herverpakken, zoals in India. Daarvoor hebben we recentelijk een oplossing van een Braziliaanse machinebouwer in ons assortiment opgenomen die originele blisters in stukjes knipt. Overal verschillen de regels of is de situatie anders. In China bijvoorbeeld moeten patiënten naar het ziekenhuis en krijgen daar voor negentig dagen medicatie mee. Je kunt zulke landen alleen ontwikkelen als je erheen gaat, de regels begrijpt en de cultuur leert kennen.’

Van den Brink kijkt ook breder, want naast apotheken en zorginstellingen lonkt de ziekenhuismarkt. ‘Ik was pas in Turkije in een ziekenhuis waar een heel leger mensen handmatig medicijnen naar patiënten bracht. Dat kan veel slimmer. Daar liggen kansen.’

Lef

‘Ik ben nog lang niet klaar met dit spelletje’, zegt Van den Brink stellig. ‘We hebben nog heel veel nieuwe ideeën en ik zie enorm veel kansen met Global Factories.’ Hij signaleert wel dat het ontwikkelteam volwassen genoeg is om zelfstandig dingen op te pakken. Daarom filosofeert Van den Brink af en toe al over wat zijn volgende stap zou kunnen zijn. ‘Ik heb altijd iets met mobiliteit gehad. Auto’s, nieuwe oplossingen. Daar komt vast nog iets uit.’

Mislukkingen zoals bij Lightyear kan hij relativeren. ‘Jammer dat het niet gelukt is. Prachtig idee, ik had graag een prototype willen hebben. Maar innovatie is risico nemen, je nek durven uitsteken. Soms lukt het, soms niet. Zonder lef kom je nergens.’

Share.

Reageer

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Geverifieerd door ExactMetrics