Sinds 6 november heeft branchevereniging NEVAT een nieuwe voorzitter. Mooi nieuws, maar belangrijker is hoe deze organisatie zich de komende jaren inzet om de maakindustrie voor Nederland te behouden. ‘Om concurrerend te blijven moeten we slimmer werken, onze kosten verlagen, verduurzamen en vooral: meer samenwerken’, is de boodschap van voorzitter Janwillem Verschuuren, Corné van Opdorp (bestuursadviseur en voormalig voorzitter) en branchemanager Ires Veerman.
Toekomst Nederlandse maakindustrie
De afgelopen jaren werkte Van Opdorp samen met het bestuur en het NEVAT-brancheteam aan het stimuleren van samenwerking in de keten. Samenwerken is nodig om concurrerend te kunnen blijven werken en omdat het werk verandert. Zo wordt data delen steeds belangrijker, bijvoorbeeld doordat automatiseringssystemen van leveranciers communiceren met die van productiebedrijven.

Voorzitter Janwillem Verschuuren (links) poseert met voorganger Corné van Opdorp en de branchemanager van NEVAT, Ires Veerman. Ook Verschuuren zal nauw samenwerken met Veerman en haar team. Foto: NEVAT
De vereniging gaf zelf het goede voorbeeld door de backoffices, ledenvergaderingen en specifieke projecten samen te voegen met die van Federatie Productietechnologie (FPT). Vooral op het onderwerp smart industry vinden deze brancheverenigingen elkaar, onder meer in het smartlab voor robotlassen. NEVAT blijft zich ook inzetten voor de eigen leden; 120 toeleveranciers in de maakindustrie. FPT doet dit voor haar 140 leden die fabrikant of importeur zijn van machines, systemen, gereedschappen en diensten voor de metaalbewerkende en overige maakindustrie. Beide clubs zijn lid van ondernemersorganisatie FME. Door samen op te trekken, kunnen NEVAT en FPT hun stem beter later horen binnen de FME. De FME kan daardoor de belangen van beide beter vertegenwoordigen in politiek Den Haag.
Uitdagende klus
De afgelopen jaren leverde Van Opdorp (dga van BOZ Group in Bergen op Zoom) een belangrijke bijdrage aan de professionalisering van NEVAT, onder andere met de uitrol van coachings- en opleidingsprogramma’s en het opstellen van roadmaps richting de smart factory. Hij is erg trots op de andere bestuursleden en het brancheteam van Veerman. ‘Want alleen had ik deze nauwe samenwerking met FPT niet van de grond gekregen.’ Van Opdorp ziet mogelijkheden voor veel meer samenwerkingen. ‘NEVAT is in staat om de verenigingen van verschillende branches dichter bij elkaar te brengen. Het past in de huidige tijd om als één grote club op te trekken en de belangen van alle partijen in de maakindustrie te vertegenwoordigen.’
‘Als we kennis delen, kunnen we samen concurrerend blijven werken’
Branchemanager Veerman bevestigt dit: ‘Het samenvoegen van de backoffice van NEVAT met FPT is een eerste stap in een ambitieuzer plan. Onze stip op de horizon is een cluster waarin de volledige Nederlandse maakindustrie samenwerkt, waarin volledige ketens met daarin bedrijven uit verschillende branches samenwerken van grondstof tot eindproduct.’ Ze beseft dat dit een uitdagende klus is. ‘Sommige verenigingen zijn al 75 jaar oud, daarom moet er gezocht worden naar een samenwerkingsvorm waarbij de eigen identiteit behouden blijft. Uit ervaring weet ik dat dit mogelijk is. Samenwerken is geven en nemen.’
Nu slimmer werken
In de ogen van de branchemanager is dit hét moment om te veranderen. ‘De maakindustrie in Nederland heeft extreem hoge kosten, denk aan personeels- en energiekosten. Zelfs in onze buurlanden liggen die een stuk lager, soms doordat de overheid veel meer subsidieert. In andere werelddelen is men gewend om meer dagen en meer uren per week te werken of om meerdere banen te hebben. Om concurrerend te kunnen blijven, moeten we nú slimmer gaan werken.’ Verschuuren onderschrijft dit. De NEVAT-voorzitter en mede-eigenaar van De Cromvoirtse in Oisterwijk zegt: ‘Ik ben trots en vereerd om Corné van Opdorp op te volgen en blij dat hij nog een jaar aanblijft als bestuursadviseur om verdere samenwerkingen binnen NEVAT, met FPT en met de FME te stimuleren. We bestaan nu uit zo veel kleine clubjes, we lijken de Nederlandse politiek wel.’
Het zou volgens hem goed zijn als verenigingen in de FME gezamenlijk events zouden organiseren. ‘Nu is er veel overlap. Elk bedrijf heeft eigen specialismen en we zijn deels ook concurrenten, maar door kennis te delen komen we allemaal verder. En het is nodig om onze voortrekkersrol in de maakindustrie te behouden. Personeel vinden bijvoorbeeld, is voor ons allemaal lastig dus arbeidsproductiviteit is bij alle brancheverenigingen binnen de FME een actueel onderwerp, net als optimaal werken, beter plannen, AI en robotisering.’

Link magazine december 2025-januari 2026. Thema: Geld verdienen tijdens de hele lifecycle. Cover Christian Rood Leydenjar. Lees het artikel digital of vraag exemplaar op bij mireille.vanginkel@linkmagazine.nl
Challenge day ASML
De meeste NEVAT-leden werken in de flexibele schil rond leveranciers die opdrachten krijgen van oem’ers. Veerman: ‘NEVAT-bedrijven zitten dus niet altijd aan tafel met de eindgebruiker van het product dat ze maken, terwijl deze oem’ers wel commentaar leveren op de stijgende kosten.’ De oplossing? Oem’ers en uitvoerders bij elkaar zetten. ‘Dit hebben we gedaan tijdens een challenge day met ASML. De eerste keer was een groot succes. 45 techneuten van NEVAT- en FPT-leden hebben samen met 14 engineers van ASML nagedacht over hoe cases uit te voeren vanaf de tekentafel.’ Ze heeft er alle vertrouwen in dat op deze manier samenwerken zal zorgen voor slimmere productie, minder onnodige kosten en efficiënte producten. En voor waar het uiteindelijk om gaat: ‘Voorkomen dat oem’ers alles gaan inkopen in landen die goedkoper produceren.’
Verschuuren stelt dat ook kennisdeling tussen dga’s van grote waarde is. ‘Managers en niet-statutair directeuren zitten anders in de wedstrijd dan dga’s. Dga’s willen en kunnen een deel van hun vraagstukken alleen delen met andere dga’s. Stel, je overweegt te investeren in een machine. Van een andere dga, die al met een machine werkt, zul je het echte verhaal krijgen. En heb je een probleem met een machine, dan heb je via een collega-ondernemer vaak sneller een oplossing dan via de leverancier.’ Ook verduurzamen gaat sneller als je als dga bij andere ondernemers voor kennis kunt aankloppen. ‘Over de plaatsing van zonnepanelen, het werken met batterijen en elektrisch rijden bijvoorbeeld, maar ook rond digitalisering, inzet van robots en AI. Als we die kennis delen, kunnen we samen concurrerend blijven werken.’
Benchmark biedt inzicht
Ook aan het benchmarkonderzoek hebben leden veel, benadrukt Veerman. ‘Het geeft een goed beeld van hoe de bedrijven van onze leden ervoor staan qua eigen resultaten en vergeleken met branchegenoten.’ Tijdens zijn voorzitterschap heeft Van Opdorp bijgedragen aan verbetering van de benchmark. ‘De nieuwe versie is eenvoudiger in te vullen in minder tijd. Als ondernemer word je grondig bevraagd over jouw kpi’s. We hopen dat de benchmark weer breed geadopteerd gaat worden. Daar ligt een mooie uitdaging voor Janwillem.’
Ook de samenwerking met kennispartners vormt een belangrijk doel van NEVAT. Veerman: ‘Om het jaar doen we een studie met MCB en met ABN AMRO. Deze partijen beschikken over veel data van onze leden en de keten waarin zij werken.’ De cijfers en kennis uit deze onderzoeken gebruiken de branchemanager en haar team om leden up-to-date te houden. ‘Bijvoorbeeld als het gaat over het versterken van klantrelaties en businessmodellen.’ Van Opdorp: ‘Een van de taken van deze vereniging is om onze leden inzicht te geven in de kansen die er liggen. Vooral kleinere bedrijven vragen hulp waar als eerste op in te zetten, bijvoorbeeld op cybersecurity of robotisering? We zijn dus ook een belangrijke vraagbaak voor leden. De onderzoeken die we doen met onze partners geven input waarmee we onze adviezen kunnen staven.’
