De Nederlandse industrie heeft in mei 2026 opnieuw een stevige groei laten zien. De kalendergecorrigeerde productie lag 4,9 procent hoger dan in dezelfde maand een jaar eerder, evenveel als in april. Vooral de machine-industrie droeg bij aan de stijging, terwijl het producentenvertrouwen in juni opliep naar het hoogste niveau in bijna vier jaar.

Ten opzichte van april nam de industriële productie, gecorrigeerd voor seizoen- en kalendereffecten, met 0,1 procent toe. Daarmee is de productie inmiddels drie maanden op rij gestegen.
De machine-industrie was opnieuw de grote aanjager van de groei met een productiestijging van 26,3 procent op jaarbasis. Ook de voedingsmiddelenindustrie produceerde meer (+1,7 procent), terwijl de reparatie- en installatiesector stabiel bleef. Daar tegenover stonden dalingen in onder meer de chemische industrie (-6,2 procent), de transportmiddelenindustrie (-6,2 procent), de metaalproductenindustrie (-5,2 procent) en de elektrische- en elektronische apparatenindustrie (-4,1 procent).
Ondanks de positieve totaalontwikkeling liet minder dan 40 procent van de industriële branches een hogere productie zien dan een jaar eerder. De sterke groei van de machine-industrie compenseerde daarmee de terugval in meerdere andere sectoren.
Ook het sentiment onder producenten verbeterde. Het producentenvertrouwen steeg in juni van -2,0 naar 1,3 en kwam daarmee voor het eerst in lange tijd weer boven het langjarig gemiddelde uit. Het is het hoogste vertrouwensniveau sinds bijna vier jaar. Vooral producenten in de elektrotechnische- en machine-industrie werden optimistischer over de verwachte bedrijvigheid. Met een vertrouwensindex van 9,7 waren zij de meest positieve ondernemers binnen de industrie.
