‘Hoe langer iets meegaat, hoe kleiner je footprint’

0

De kinderwagens van Bugaboo zijn modulair, makkelijk te onderhouden en keer op keer aanpasbaar voor de gebruiker. Wat begon als een zoektocht naar functionaliteit en kwaliteit, groeide uit tot een ontwerpfilosofie die vanzelf circulair werd. Niet uit idealisme, maar uit pure ontwerp­logica. ‘Dat is het beste wat je kunt doen voor het milieu: producten maken die decennia meegaan.’

Bugaboo zoekt balans tussen duurzaam en betrouwbaar

Bij de oprichting in 1999 was circulariteit voor Bugaboo niet een doel op zich, maar een logisch en zeer welkom gevolg van goed ontwerp. ‘We zijn meteen gaan nadenken over hoe je het frame langer kunt gebruiken. Bijvoorbeeld eerst als drager voor de wieg, en daarna voor een stoeltje’, zegt Aernout Dijkstra-Hellinga, directeur productinnovatie bij het Amsterdamse bedrijf. ‘We ontwierpen een systeem dat op meerdere manieren toe te passen is, maar steeds met dezelfde bouwblokken. Zo kan het meegroeien met de baby en peuter, en daardoor veel langer worden gebruikt. En dat doen we nog altijd: nieuwe designs zijn bijna altijd backwards compatible. Klanten kunnen bijvoorbeeld de nieuwste handgreep op hun oudere stroller monteren.’

Dat modulaire principe maakt ook service en onderhoud makkelijker. En dat is nodig, legt Dijkstra uit: ‘We verkopen een duur product van hoge kwaliteit, dus mensen verwachten dat het lang meegaat. Daar moet het ontwerp op aansluiten. Onderdelen moeten los kunnen, stoffen wasbaar zijn, wielen vervangbaar.’ Hij ondervond pas zelf hoe lang die levensduur eigenlijk is. ‘Voor een tentoonstelling in een designmuseum kocht ik een paar kinderwagens uit 2001 terug op Marktplaats. We hebben wat elastiekjes vervangen, wat olie gesmeerd en de stoffen gewassen, en ze deden het gewoon weer. Dat is het beste wat je kunt doen voor het milieu: producten maken die decennia meegaan.’

Geen greenwashing

Om die lange levensduur te garanderen en tegelijk nog duurzamere kinderwagens te bouwen, kijkt Bugaboo voortdurend naar de gebruikte materialen. ‘We hebben drie grote materiaalgroepen die de carbon footprint bepalen: aluminium, harde plastics en textiel’, weet Dijkstra. ‘We gebruiken steeds meer gerecycled aluminium. Uiteindelijk willen we naar post-consumer materiaal, maar dat is nog ingewikkeld omdat de kwaliteit en sterkte soms onvoldoende zijn. En we engineeren op het scherpst van de snede – 0,05 millimeter dunner is al veel gewichtsbesparing – dus het komt allemaal erg nauw.’

Momenteel gebruikt Bugaboo daarom vooral zogenoemd post-industrial aluminium: restmateriaal uit de aluminiumfabriek. ‘Dat heeft de fabriek niet verlaten waardoor het van goede kwaliteit is. Maar het zou sowieso niet weggegooid worden, dus ik schep er niet graag over op’, aldus Dijkstra, die ver weg wil blijven van greenwashing. ‘We willen de volgende stap zetten, maar kwaliteit blijft vooropstaan. Dat is de balans tussen duurzaam en betrouwbaar.’

Futuristische materialen

Bij plastics zijn de stappen concreter. ‘We gebruiken polyamides van reststromen, zoals frituurvet of maïs, waardoor we afstand nemen van fossiele en virgin grondstoffen’, vertelt Dijkstra. ‘Die kopen we in bij bijvoorbeeld DSM. De footprint is substantieel lager, maar de kwaliteit is gelijk. Je merkt geen verschil.’ Alleen de prijs is hoger. De afgelopen jaren heeft Bugaboo zo’n 10 procent van zijn nettowinst besteed aan de extra kosten van deze duurzamere materialen. ‘Dat is een bewuste keuze. Niet elk bedrijf doet dat zomaar.’ Een andere route die het bedrijf bewandelt, is het gebruik van polypropyleen. ‘Ook dat heeft een kleinere footprint. De uitdaging daar is dat het materiaal wat minder sterk is, dus moeten we de onderdelen wat groter en robuuster ontwerpen.’

‘Je moet niet in één stuk denken, maar in een systeem’

Ook het textiel ondergaat een transitie. ‘We gebruiken natuurlijke, zachte stoffen aan de binnenkant, waar de baby mee in contact komt. En synthetische aan de buitenkant, omdat die uv-bescherming moeten bieden en waterafstotend en kleurvaster moeten zijn. Momenteel gebruiken we al gerecyclede stoffen van PET-flessen, maar dit is voor ons een tussenstap naar stoffen gemaakt van post-consumer textielafval. Dat zou een echt circulaire oplossing zijn.’ Ook experimenteert Bugaboo met nieuwe verftechnieken die minder water en chemicaliën vergen, en kleurvaster zijn. ‘We zoeken naar de synergie tussen duurzaamheid en voordeel voor onze gebruikers.’

Daarnaast kijkt de ontwerpafdeling van Bugaboo naar meer futuristische materialen. ‘Textiel van ananasafval, handgrepen van paddenstoelen – allemaal interessant, maar nog duur. Toch doen we het en bieden het aan in limited editions, want het helpt om ervaring op te bouwen. En het laat zien dat we serieus met innovatie bezig zijn.’

Invloed in de keten

De kinderwagens worden geassembleerd in Bugaboo’s eigen fabriek in Xiamen, China. ‘Daar werken zo’n zevenhonderd Bugaboo-collega’s, vaak al tien of vijftien jaar. We betalen eerlijke lonen, ver boven het minimumloon. En we hebben zonnepanelen en een groen dak. In scope 1 en 2 draaien we al bijna volledig op hernieuwbare energie’, aldus Dijkstra.

Toch blijft het lastig om de hele keten te sturen. ‘Naarmate je verder in de supplychain gaat, neemt je invloed af. We proberen leveranciers wel te stimuleren om hun energieverbruik en materialen te verbeteren. Idealiter zouden we aluminium uit Scandinavië gebruiken, waar het met waterkracht wordt geproduceerd. Maar dan zouden we het vervolgens naar Xiamen moeten transporteren. Onder de streep is het dan niet groener.’ Een tweede fabriek in Europa? ‘Daarvoor zijn we niet groot genoeg.’

Les geleerd

Niet elke stap in de circulaire richting blijkt succesvol. ‘We hebben in 2012 geëxperimenteerd met leasen’, kijkt Dijkstra terug. ‘Maar de kinderwagens die we terugkregen, zagen er soms niet uit. Dan dacht ik: dit werkt niet. Mensen gaan beter om met spullen die ze doorverkopen dan met spullen die ze huren.’

Het leasemodel bracht ook logistieke en administratieve complexiteit met zich mee. ‘Je krijgt wagens terug in allerlei combinaties van nieuwe en oude onderdelen. Dat moet je allemaal registreren. En het is arbeidsintensief: controleren, vervangen, schoonmaken. Dat past niet bij onze organisatie’, aldus Dijkstra. Bugaboo werkt wel samen met lokale partners die de kinderwagens via een leasemodel aanbieden.

Opfrispakket

Dijkstra ziet hoe het in de b2b-markt soms sneller gaat, wijzend naar kantoormeubelfabrikant Ahrend. ‘Zij maken van oude producten echt weer nieuwe en hebben hun retourstromen perfect georganiseerd. En dat is deels hun verdienmodel. In business-to-business is dat makkelijker, want je hebt direct contact met je klant. Je weet waar je spullen blijven.’

Link magazine december 2025-januari 2026. Thema: Geld verdienen tijdens de hele lifecycle. Cover Christian Rood Leydenjar. Lees het artikel digital of vraag exemplaar op bij mireille.vanginkel@linkmagazine.nl

Bij Bugaboo ligt dat anders. ‘Omdat onze kinderwagens zo lang meegaan, worden ze vaak meerdere keren doorverkocht. Wij weten dus niet wie de tweede of derde gebruiker is’, zegt Dijkstra. Het bedrijf probeert daar wel grip op te krijgen door bijvoorbeeld opfrispakketten aan te bieden. ‘Dan komen we weer in contact en kunnen we helpen om de kinderwagens langer bruikbaar te houden. Daar ligt enorme winst: hoe langer iets meegaat, hoe kleiner je footprint.’

Dijkstra blijft dat benadrukken: ‘Veel bedrijven focussen op afvalscheiding of waterbesparing. Dat is goed voor het bewustzijn, maar de echte impact maak je in de producten zelf: de materialen die je gebruikt, hoe je ze maakt, hoe lang ze meegaan. Dáár ligt de sleutel.’ En wat hij al tijdens zijn studie leerde: circulariteit begint bij design. ‘Je moet niet in één stuk denken, maar in een systeem. Iets wat repareerbaar is, waar onderdelen los in en uit kunnen. En je moet je verantwoordelijk voelen voor wat je op de markt brengt.’

Praat en leer

Die denkstap is volgens Dijkstra-Hellinga nodig in elke sector. ‘Als je een machine leaset of een service verkoopt in plaats van een product, merk je ineens dat het loont om in kwaliteit te investeren. Dan wil je onderdelen die tien of twintig jaar meegaan, en die bovendien makkelijk kunnen worden vervangen. Dat is een andere manier van geld verdienen, veel gezonder op de lange termijn.’

Zijn advies aan bedrijven is eenvoudig: ‘Sta open voor het idee. Reken eens door wat het zou betekenen als je niet één keer verkoopt, maar jarenlang een relatie houdt met je klant. En praat met anderen, leer van elkaar. Er is genoeg kennis. Circulariteit is geen concurrentieslag, we moeten het samen doen. En wie vanaf het begin in systemen en modules denkt, hoeft circulariteit niet meer te ontwerpen – het gebeurt vanzelf.’

Share.

Reageer

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Geverifieerd door ExactMetrics