Flexicharge zet in op kwalitatieve én duurzame laadinfrastructuur

0

In Den Bosch verschijnt er momenteel een nieuwe fabriek van de fabrikant van laadinfrastructuur Flexicharge. Zelfs netcongestie kan deze speler niet afremmen. Ze maken hun laadpalen kwalitatief, duurzaam en tegen zo laag mogelijke TCO. Daarmee willen ze inspelen op een sterkere vraag naar laadpalen die op lange termijn overleven. Die focus moet hun sterke groei opleveren.

‘We willen upcyclen, niet weggooien’

Bij de Nederlandse bouwer van laadinfrastructuur Flexicharge gaat het momenteel hard. In Den Bosch verrijst er een nieuwe fabriek en ze hopen tien keer groter te worden in de komende vijf jaar. Dat steunt op een simpele formule: ze leveren een betere kwaliteit van laadinfrastructuur dan de markt gewend is.

‘We kunnen kwaliteit op de lange termijn garanderen’, opent Rutger Schuur, mede-eigenaar van Flexicharge. ‘Onze duurzame laadpalen blijven tot vijftien jaar doorwerken, langer dan veel producten die vandaag in de markt staan. We willen daarmee de laagste Total Cost of Ownership (TCO) realiseren voor onze klanten. We staan voor kwaliteit, betrouwbaarheid en duurzaamheid.’

Niet alle laadpalen zetten in op dat soort eigenschappen. Zo kreeg de markt al te maken met groeipijnen en kwaliteitsproblemen. ‘Laadpalen hebben soms een negatief imago’, stelt Schuur. ‘De laatste tien jaar nam niet iedereen het even nauw met kwaliteitsstandaarden. Dat was logisch, het was een nieuw product dat snel moest groeien. Niettemin zorgde het voor problemen. Laadpalen krijgen vaak te maken met storingen, soms langdurig. Ook moeten laadpalen regelmatig vervangen worden, nog voor het contract met de exploitant afloopt. Veel van dat soort uitbaters ging contracten aan voor tien tot vijftien jaar. Nu moeten ze al na zes of zeven jaar de laadpaal vervangen. Dat kan dus beter.’

Total cost of ownership

Dries Calcoen

Flexicharge maakt een reeks productkeuzes om het beter te doen. Hun behuizingen bestaan bijvoorbeeld uit roestvrijstaal, en daar stopt het niet bij. ‘We zetten in op configure-to-order op hardware- en binnenkort ook op softwareniveau’, vertelt Dries Calcoen, business development manager bij Flexicharge. ‘Alles wat de TCO kan opdrijven, proberen we te verminderen. Vervanging van onderdelen maken we bijvoorbeeld zo makkelijk mogelijk. De onderdelen zijn van een hoge kwaliteit, om vervangingen te vermijden. Alles qua software kan ook geautomatiseerd en op afstand gebeuren.’

‘Onze nieuwe fabriek moet een duurzaam visitekaartje worden. We maken duurzame keuzes in alles wat we doen’

Serviceability is dus een kernwoord voor Flexicharge. ‘Dat helpt ook met de duurzaamheid’, meent Calcoen. ‘Als er iets kapot gaat of er komt betere technologie op de markt, dan moeten we niet de hele laadpaal vervangen. Je vervangt gewoon één onderdeeltje. Zo optimaliseer je de levensduur. We willen niet weggooien, maar upcyclen.’

Duurzaam visitekaartje

Om die laadinfrastructuur op grote schaal te bouwen heeft Flexicharge een nieuwe fabriek nodig. Die verschijnt nu in Den Bosch. Voor die fabriek is duurzaamheid eveneens belangrijk. ‘Onze nieuwe fabriek moet een duurzaam visitekaartje worden’, vertelt Schuur. ‘We maken duurzame keuzes in alles wat we doen.’

Daarbij springt Flexicharge creatief om met netcongestie. Zo krijgt de nieuwe fabriek voorlopig geen aansluiting op het Nederlandse net. ‘We bouwen het daarom off-grid’, legt Schuur uit. ‘We weten namelijk niet wanneer er een stroomaansluiting komt. Dat was balen, maar we werden gedwongen om creatief en ondernemend een oplossing te zoeken. Zo werden we zelfvoorzienend. In energie voorzien we tijdelijk met een bio-diesel aggregaat. Het gebouw is daarnaast zo duurzaam mogelijk ontworpen.’

Die nieuwe fabriek is nodig om de toenemende groei aan te kunnen. Flexicharge stelt vandaag twintig medewerkers te werk, en levert duizenden laadpalen per jaar. In de komende jaren moet dat snel meer worden. ‘Onze ambitie is om in vijf jaar tijd maal tien keer zoveel te leveren’, benadrukt Calcoen. ‘We zitten daarvoor op schema. Maar dat betekent wel dat we ruimte nodig hebben om te groeien. In die nieuwe fabriek kunnen we ons doel halen zonder ploegendiensten. Voorlopig is het net iets te groot, maar het is nodig voor onze ambitie.’

Levensduur

Flexicharge ziet veel vraag uit de markt komen. De problemen van de eerste generatie laadpalen worden stilaan zichtbaar. Daarom leggen operatoren steeds meer de nadruk op kwaliteit en vervangbaarheid. Dat is de sleutel voor het succes van Flexicharge.

‘Alle operatoren van laadpalen beseffen dat ellende met kwaliteit hun businesscase onderuit haalt’, meent Calcoen. ‘Ze denken nu verder door. Ze vragen de kostprijs van de laadpaal over een periode van twaalf of vijftien jaar. Je moet bewijzen dat jouw ontwerp die leeftijd zal halen, met zo min mogelijk kosten. Operatoren vragen niet meer enkel een kostprijs voor de aankoop, maar een totaal kostenplaatje over de hele levensduur. Daar blinken wij in uit.’

Een bijkomend voordeel is dat Flexicharge tot nu toe op eigen middelen kon groeien. ‘Heel wat partijen kunnen hun legacy niet afschudden’, stelt Calcoen. ‘Andere bedrijven in deze markt hebben vaak investeringen moeten aanvaarden van grotere bedrijven of investeringsfondsen om overeind te blijven. Wij zitten minder met zo’n geschiedenis, en kunnen daardoor wendbaarder en met minder historische verplichtingen verdergaan.’

Elektrificatie

Dat alles met de verwachting dat de markt voor elektrische en hybride voertuigen zal blijven groeien. Momenteel lijkt dat echter onzeker, regulering wordt afgezwakt in Europa, en de elektrische transitie loopt niet zo snel als verwacht. Volgens Flexicharge is die negativiteit overtrokken. Ze zien steile groei in de komende jaren, zelfs wanneer de bredere markt wat afkoelt.

‘In Europa zal er heel wat laadinfrastructuur bijkomen in de komende jaren’, vertelt Schuur. ‘Nederland loopt daarin voorop, samen met de Scandinavische landen. België komt snel na die kopploeg. Duitsland zet ook flinke stappen voorwaarts. Uiteindelijk valt of staat onze markt met het succes van de transitie naar de elektrische auto. Die transitie gaat snel, ondanks negatieve berichten. Vandaag heeft 85 procent van de nieuwe auto’s in Nederland een stekker. Ze zijn dus volledig elektrisch of hybride. De transitie is in volle gang. Sommigen denken dat het te traag gaat, maar wij zien iets anders.’

Elektrificatie zal dus niet snel stilvallen, ondanks negatieve berichtgeving. ‘Als mensen een elektrische wagen kopen, willen ze niet meer terug’, besluit Calcoen. ‘We zijn allang voorbij de fase van de early adopters, en zitten duidelijk in een bredere mainstreammarkt. We krijgen nu natuurlijk probleempjes, maar die zullen we overwinnen. De economische voordelen en het comfort van elektrische wagens zijn gewoon te groot. Je krijgt simpelweg meer waar voor je geld. De markt staat op het punt te kantelen.’

Share.

Reageer

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Geverifieerd door ExactMetrics