De overheid stelt €20 miljoen beschikbaar voor nieuwe pilots in het agrarisch natuurbeheer. Met deze regeling wil het ministerie van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur (LVVN) versnelling aanbrengen in natuurherstel, waterkwaliteit en klimaatdoelen — met nadrukkelijke aandacht voor een rendabel verdienmodel voor boeren.
Samenwerkingsverbanden van agrariërs en collectieven kunnen tussen 29 april en 3 juni 2026 subsidie aanvragen. Per project is €1 tot €5 miljoen beschikbaar.
Volgens minister Van Essen markeert de regeling een volgende stap: “Boeren en collectieven krijgen ruimte om in de praktijk te experimenteren met nieuwe aanpakken. Dit moet laten zien wat werkt — voor natuur én voor het bedrijfsresultaat.”
Focus op praktijk én schaalbaarheid
De pilots zijn bedoeld om agrarisch natuurbeheer effectiever en efficiënter te maken. Daarbij ligt de nadruk op:
- concrete toepassing in de praktijk
- verlaging van administratieve lasten
- kennisdeling tussen projecten en overheid
Succesvolle aanpakken moeten later breder inzetbaar zijn, onder meer binnen het Europese landbouwbeleid.
Twee sporen
De regeling kent twee duidelijke richtingen:
1. Zwaar agrarisch natuurbeheer in prioritaire gebieden
Gericht op onder meer:
- veenweiden
- Natura 2000-gebieden
- leefgebieden van soorten zoals de grutto
- beekdalen en grondwaterbeschermingsgebieden
2. Ontwikkeling van nieuwe maatregelen en instrumenten
Hier ligt de nadruk op innovatie: nieuwe methodes worden getest op zowel ecologisch effect als economische haalbaarheid.
Samenwerking als sleutel
De regeling is nadrukkelijk gericht op samenwerking. Naast agrariërs en collectieven wordt bij innovatieve projecten ook de betrokkenheid van kennisinstellingen gestimuleerd. Dat moet zorgen voor onderbouwing, meetbaarheid en opschaalbaarheid.
Voor boeren biedt de regeling vooral:
- ruimte om nieuwe vormen van natuurbeheer te testen
- koppeling van duurzaamheid aan inkomsten
- versterking van samenwerking binnen de keten
Link met bredere transities
De pilotregeling past binnen een bredere beweging richting toekomstbestendige landbouw, waarin productie, natuur en klimaat steeds sterker met elkaar verweven raken. Juist de nadruk op praktijkexperimenten en schaalbare oplossingen maakt deze regeling relevant voor de hele agrarische keten.
