In De Tinfabriek in Naarden wordt op 18 juni de eerste Dag van de Remanufacturing gehouden. Het evenement wordt georganiseerd door het Remanufacturing Collectief, MaakLos, Link Magazine in samenwerking met de provincies Noord-Brabant, Utrecht, Zuid-Holland, Overijssel en Gelderland. Doel is om maakbedrijven, toeleveranciers en beleidsmakers samen te brengen rond een onderwerp dat volgens initiatiefnemers steeds belangrijker wordt voor de toekomst van de industrie: het verlengen van de levensduur van machines en componenten.

Remanufacturing – het hoogwaardig reviseren en opnieuw inzetten van machines en componenten – krijgt steeds meer aandacht in de Nederlandse maakindustrie. Er gebeurt al veel meer dan vaak zichtbaar is. Tijdens het evenement laten bedrijven zien hoe zij machines en onderdelen een tweede of zelfs derde leven geven. Tijdens de Dag van de Remanufacturing staat vooral de praktijk centraal. Bedrijven presenteren op een beursvloer concrete voorbeelden van remanufacturing, variërend van machines tot componenten. Bezoekers krijgen een rondleiding langs deze praktijkcases. Daarmee maken de organisatoren vooral duidelijk dat remanufacturing geen niche is, maar een volwaardige industriële activiteit met economische kansen.
De basis voor het initiatief werd enkele jaren geleden gelegd met een routekaart voor remanufacturing, opgesteld in opdracht van de provincie Noord-Brabant. ‘Voor die routekaart is een aantal bedrijven geïnterviewd over hoe zij met remanufacturing en levensduurverlenging omgaan’, vertelt Egbert Rinsma van Remanufacturing Collectief. ‘De lessen daaruit hebben we vertaald naar meerdere stappen die bedrijven kunnen volgen. Dat document is zo positief ontvangen dat ook andere provincies zich hebben aangesloten.’

Uit die samenwerking ontstond het Remanufacturing Collectief, waarbij inmiddels zo’n 45 bedrijven zijn aangesloten. Het collectief bestaat vooral uit fabrikanten van kapitaalgoederen, toeleveranciers en specialistische revisiebedrijven, die kennis en ervaringen met elkaar delen.
Volgens Niels van Olffen van het Remanufacturing Collectief draait remanufacturing niet alleen om duurzaamheid, maar ook om een nieuw verdienmodel voor maakbedrijven. ‘Het doel is dat bedrijven naast hun bestaande businessmodel ook gaan verdienen aan de levensduur van hun producten’, zegt hij. ‘In plaats van alleen geld te verdienen met nieuwe machines, ook meer waarde halen uit je bestaande producten in het veld.’
Dat kan zelfs financieel aantrekkelijker zijn dan nieuwbouw. ‘Als je remanufacturing goed organiseert, kan er meer marge mee worden gemaakt dan met een nieuw product’, aldus Van Olffen. ‘Als je machines of onderdelen opnieuw inzet, hoef je veel basismateriaal niet opnieuw te produceren. Verder sluit remanufacturing ook goed aan bij andere ontwikkelingen, zoals servitization en digitalisering. Bedrijven die al inzetten op onderhoud, upgrades en servicecontracten, hebben vaak al een basis om remanufacturing verder te ontwikkelen.’
Volgens Rinsma is het belangrijk om te laten zien dat remanufacturing inmiddels een hoogwaardige industriële activiteit is. ‘Veel bedrijven doen hier al iets mee, maar vaak nog onder de radar. Door de praktijk te laten zien, worden kansen zichtbaar.’

Uiteindelijk hopen de initiatiefnemers (Egbert Rinsema, John van Ginkel, Niels van Olffen en Rens Leerkes) dat levensduurverlenging een vanzelfsprekend onderdeel wordt van de Nederlandse maakindustrie. Rinsma: ‘Wij noemen het weleens schatgraven in eigen tuin. Nederlandse maakbedrijven maken hoogwaardige producten. De vraag is hoe je die kwaliteit zo lang mogelijk blijft benutten.’
